|
|
|

De Start (februari 1999) Nieuwe school in de sloppenwijken van Addis Abeba (Juli 2000) De AAC, de African Aid Connection West-Friesland, bouwt niet alleen huizen in de sloppenwijken van Addis Abeba. Dank zij een enorme gift van 250.000 gulden kan er ook een splinternieuwe school gebouwd worden. Deze bijdrage van een kwart miljoen komt van de DSB Groep BV, van Dirk Scheringa Beheer. Dirk Scheringa behoort tot de deelnemers van de allereerste groep die de Ethiopië-reis maakte, en die de aanzet hebben gegeven tot de oprichting van de AAC. Door zijn bijdrage is gegarandeerd dat de kosten van de bouw van de school kunnen worden betaald. Immers, het overgrote deel van de financiering is rond; het resterende deel mag geen probleem meer zijn. Daarom is inmiddels het groene licht gegeven voor de bouwstart. De enorme betekenis van de school in een dergelijke krottenwijk staat buiten kijf: de kinderen uit deze trieste, armoedige buurten kunnen een opleiding krijgen, en de gevolgen daarvan zijn voor hen heel verstrekkend. Immers, met de allereerste schoolopleiding is voor hen de weg geopend naar verder onderwijs en naar werk. En daarmee gloort voor velen hoop, waar aanvankelijk geen enkel zicht op een zinvolle toekomst leek. Ethiopië is een land waarvan de bevolking wil werken aan verbeteringen. De oorlog met Eritrea roept weliswaar bij menigeen heel andere gedachten op, maar wie het land heeft bezocht ziet er ook veel mensen druk bezig met het dagelijkse werk, waaronder ook werk aan wegen en gebouwen, ambachten en beginnende industrieën. Ook voor de kinderen uit de sloppenwijken kan hier een toekomst liggen, als zij uit die uitzichtloze, vicieuze circel van armoe en ellende kunnen komen dank zij onderwijs en opleidingen. De nieuwe school gaat ongeveer 330.000 gulden kosten. Hij komt te staan in de wijk waar ook de huisjes verrijzen die dank zij de financiële hulp van de AAC kunnen worden gebouwd. Nu met de bouw ervan begonnen is, wordt verwacht dat hij ergens in het voorjaar van 2001 klaar is. De school wordt twee verdiepingen hoog en er komen acht lokalen in. Ook een administratie-gebouw en een laboratorium maken deel uit van deze 'onderwijs-instelling'. De school biedt plaats aan maar liefst achthonderd tot duizend leerlingen. Feitelijk is de bouw van de school onderdeel van de totale bouwplannen van de IHAUDP, een plaatselijke hulporganisatie in Addis Abeba, de partner van Dorcas, en van de AAC voor wat betreft het huizenproject. Daarom past het ook de financiering van de school binnen de doelstellingen van de AAC WF. Het nieuwste project, de huizenbouw in Nazareth (publicatie voorjaar 2006) Aan de rand van het stadje Nazareth (ruim honderdduizend inwoners) in Ethiopië is in januari 2006 begonnen met de bouw van een compleet nieuw dorp voor daklozen en krotbewoners. In de komende vijf jaar worden daar maar liefst 750 huizen, een school met bibliotheek, en een kliniekje neergezet. De bouw is mogelijk geworden omdat het project is geadopteerd door hulp- en ontwikkelingsorganisatie Dorcas in Andijk. De kosten bedragen twee miljoen euro. De Dorcas AAC (African Aid Connection) West-Friesland, een groep ondernemers met relaties, familie, vrienden en kennissen uit heel Noord-Holland en zelfs uit andere provincies, brengen het geld bijeen. Voor een ontwikkelingsorganisatie is het huizenplan een van de grotere, ambitieuze bouwprojecten, waar ook de Ethiopische overheid zich voor inzet. Als het slaagt zal het herhaald worden in andere plaatsen in het land. Plaatselijke coördinator is de Ethiopian Kale Heywet Church, de partner van de Dorcas en de AAC West-Friesland. Een grote veiling in Wervershoof leverde eind 2005 het bedrag van 100.000 euro op. Daarmee werd de start van het project verzekerd. Twee tot drie keer per jaar regelt de AAC een vliegreis naar Ethiopië. Geïnteresseerde sponsors kunnen dan ter plaatse zien hoe hun bijdragen worden besteed. Van 11 tot 18 januari 2006 verbleef de AAC met zo'n groep in Ethiopië. Noord-Hollanders brengen hoop in Ethiopië Nazareth - De Ethiopische boer Alebwe Alem is druk bezig piketpaaltjes te slaan en sleuven te graven. De bouw van het nieuwe dorp aan de rand van het Nazaret, zo'n honderd kilometer vanaf Addis Abeba, is echt begonnen. Nu nog woont hij met zijn vrouw en vier kinderen in een haveloze krot in een van de sloppenwijken van het stadje. Stukken leem van de muur zijn weggevallen, in de golfplaten op het dak zitten grote gaten. Er is geen geld voor nieuwe, want de paar birr die hij af en toe verdient zijn hard nodig voor eten voor zijn kindertjes. Honderden gezinnen in Nazareth leven in dezelfde uitzichtloze situatie. Het land levert ze te weinig geld op, er is geen uitzicht op beter werk. Ze wonen en leven in een bizarre situatie. Vooral als de tropische regens vallen is het daar onhoudbaar, zijn de slums een grote bron voor ziektekiemen en worden vooral de kinderen oudere mensen getroffen door tyfus en andere ziektes. De huisjes in deze krottenwijken zijn opgebouwd uit hout van eucalyptusbomen, waar een soort keileem met koeienstront en stro tegenaan is gesmeerd. Plastic en oude golfplaten dienen als dak, soms ook als muur. Een bed neemt vaak de helft van de ruimte in de hut in beslag. Vader, moeder, soms wel vier tot zes kinderen moeten zich daar weten te schikken. Zo'n bestaan leidt tot een wanhopig leven, want deze mensen beseffen wel degelijk hun situatie. Hun enige wens is dat hun kinderen het iets beter zullen hebben, misschien zelfs een baantje kunnen krijgen. Dwars tegen alle verhalen in denken ook in Oost-Afrika de vele plattelanders dat er meer te halen is in de grote stad. Je hoeft echter maar een halve dag in Addis Abeba te hebben rondgelopen om te beseffen dat je daar een betere toekomst voor je kinderen helemaal wel kan vergeten. Dat is slechts aan een enkeling voorbehouden. Van de ruim vier miljoen inwoners in de Ethiopische hoofdstad leven er drie miljoen op straat of in de krotten van de vele sloppenwijken die je overal verspreid in de stad aantreft. De stroom plattelanders, oorlogsslachtoffers en uitgehongerde mensen uit het binnenland die naar Addis trekken, maken de problemen daar alleen maar erger en intenser. Daar vervallen de meeste van hen met hun kinderen onherroepelijk tot de bedelstaf en een straatzwerversbestaan, gaan ze op in de miljoenen inwoners die daar nu al in de krottenwijken wonen of als daklozen rondzwerven. De bouw van het nieuwe dorp bij het verder zuidwaarts gelegen Nazareth wordt gezien als een voorbeeldproject om de grote trek naar de hoofdstad enigszins te beteugelen. Daarom ondersteunt de overheid van Ethiopië het huizenplan. De lokale autoriteiten geven de boeren een vergoeding voor het land, dat ze vervolgens beschikbaar stellen voor de bouw van huizen voor de bewoners van de sloppenwijken. De boeren kunnen elders land kopen, maar sommigen geven de voorkeur aan ander werk. Bij hun eigen project kunnen ze meteen aan de slag en zich bekwamen als bouwvakker. In de woningbouw. De gezagsdragers van Nazareth hopen dat het huizenproject voorkomt dat de straatarme bewoners van hun sloppenwijken naar Addis Abeba trekken. Daarom gaan ze zelfs verder met de plannen. ,,Wij willen dit dorp, deze nieuwe wijk bij de stad, nog completer maken door het te implementeren met huizen voor de wat beter gesitueerde inwoners. Zodat je de armen niet isoleert, maar een mix krijgt, waar ze bovendien samen met elkaar optrekken,'' vertelde Ato Debo Tunka, de manager of the municipality of Nazareth, feitelijk de gemeentesecretaris, aan de Noord-Hollanders, die daar in januari op bezoek waren. Hij is zelf nauw betrokken bij het project en zichtbaar ingenomen met het bezoek. Naar Ethiopische begrippen is Nazareth een behoorlijk grote stad, waar redelijk wat industrie en bedrijvigheid is. Maar de overheden hebben niet veel geld, van de straatarme bevolking valt niet veel te vorderen. Iedere hulp is welkom. Met het huizenproject in Nazareth kan Dorcas AAC West-Friesland vele honderden gezinnen, enkele duizenden ouders en kinderen een kans op een beter bestaan geven. Want wie eenmaal goed woont, ervaart dat als de start van een nieuw leven, een grote dagelijkse zorg minder, en daarom klaar voor nieuwe initiatieven. Bovendien is het de bedoeling voor deze wijk ook kleine werkprojecten op te starten, soms een winkeltje of bedrijfje voor de inwoners. Uiteindelijke bedoeling is dat de hulpverleners zich terugtrekken en de inwoners zichzelf kunnen redden. Ambitieus, maar beslist niet onmogelijk, zo heeft de ervaring met soortgelijke huizenprojecten vanaf 1999 in Addis Abbeba geleerd. Ook al wonen de mensen in de slums vaak in een onvoorstelbaar waardeloos krot, toch moeten ze vaak een soort huur betalen aan de eigenaar van de grond. Die paar birr, de nationale geldeenheid, verdienen ze met bedelen of kleine klusjes. Ook voor de nieuwe huisjes moet er wat geld op tafel komen. Door mee te werken aan de bouw kunnen de toekomstige bewoners dat deel 'in natura' betalen. De een werkt op de bouwplaats met funderingen uitgraven, de ander helpt bij het stenen maken. Die worden stuk voor stuk met een zware handpers gefabriceerd. Vrouwen helpen volop mee aan dat zware werk. Niet de hele week, want ze moeten ook een aantal dagen bedelen of kleine werkzaamheden doen om daarmee wat birrs te verdienen voor voedsel en kleding voor de kinderen. Alebwe Alem is inmiddels druk bezig op de bouwplaats, nu nog een verlaten stuk grond waar voorheen de boeren hun tef verbouwden, een soort graan met een hele fijne korrel, waarvan het nationale voedsel, de injerra wordt gemaakt. In de verte zijn tussen het schaarse struweel de buitenwijken van Nazareth te zien. Wat dichterbij worden ook huizen gebouwd. Mooier, en iets groter, voor mensen met wat meer geld. Alebwe is blij dat het bouwen nu echt begonnen is. Opzichters houden in de gaten dat er op de goeie plaats gebouwd worden, want ook in Ethiopië is ieder stukje land kadastraal vrij exact beschreven. Mesfin Shuge, de projectleider van de Ethiopian Kale Heywet Church, zet vaart achter de werkzaamheden. Een week na het bezoek van de Nederlanders mailde hij dat de funderingen bijna klaar zijn en dat het eerste contigentje uit 24 huisjes zal bestaan. ,,Dit weekend beginnen we bovendien met het metselen van de muren,'' mailde Mesfin Shuge. Als AAC West-Friesland voorzitter Jan van Vliet uit Onderdijk in maart weer met een groep enthousiastelingen naar Ethiopië gaat, moeten de contouren van de eerste huizen te zien zijn. Een dak boven je hoofd is toekomst voor de kinderen Ayalech Tilahun is een van de moeders die straks haar krot verruild voor een nieuw huisje. Ze heeft de dagelijkse zorg voor vier kinderen. Op allerlei manieren probeert ze wat inkomsten bij elkaar te sprokkelen. Dat levert gemiddeld zo'n zeventien euro per maand op. Daarvan gaat ruim eenderde op aan huur voor haar aftandse hutje. Ze kijkt uit naar haar nieuwe huisje. ,,Een geweldig vooruitzicht. Het leven van mij en mijn kinderen zal er compleet door veranderen.'' Ayalech is van plan zoveel mogelijk aan de bouw mee te werken: Wie eenmaal goed onderdak heeft, heeft een grote zorg minder. Wolela is een vrouw met drie kinderen, die voor vijf birr per dag (halve euro) in een graanpakhuis werkte. Ze is homeless, heeft geen onderdak en zwerft op straat. Ze is ontzettend blij dat ze een huisjes kan krijgen en werkt nu mee om de stenen te maken. Ze verdient nu twaalf birr per dag, al gaan daar enkele birrs vanaf als een soort aanbetaling voor haar nieuwe onderdak. Ze vertelde enorm blij te zijn omdat ze straks, met de zekerheid van een dak boven haar hoofd, de toekomst voor haar kinderen weer rooskleurig. De doelgroep van het huizenproject in Nazareth richt zich op ruim drieduizend gezinnen, die leven aan de rand van het bestaan. Vaak gaat het om huishoudens met alleen een vrouw aan het hoofd die soms meer dan vijf familieleden onder haar hoede heeft. De 750 meest kwetsbare gezinnen komen het eerst in aanmerking voor een nieuw huisje. De bewoners van de nieuwe huisjes worden eerst begeleidt, hen wordt geleerd met hygiëne om te gaan, er komt een centrale plaats voor het aftappen van water en toiletten, er wordt scholing opgezet voor de kinderen, er wordt gezocht naar mogelijkheden voor vaste inkomsten door een eigen bestaan op te bouwen. Bij voorbeeld als pottenbakster, naaister, of het opzetten van een klein winkeltje. Het land raakt uitgeput Hoewel veel land in Ethiopië vruchtbaar en is, kent het land toch regelmatig voedselproblemen en zelfs hongersnood. Het land is vaak erg grillig en erg snel uitgedroogd, er is veel erosie, en het bodemwater zit erg diep. Daardoor is de groei van het gewas helemaal afhankelijk van de tropische regens, en dat betekent dat er slecht een keer per jaar kan worden geoogst. De opbrengsten zijn niet bijster groot, want het land raakt langzamerhand steeds schraler en meer en meer uitgeput door eenzijdige dierlijke bemesting; kunstmest is veel te duur. Een van de meest geteelde gewassen is tef, een soort graan dat door duizenden boeren wordt verbouwd. Het wordt nauwelijks een halve meter hoog en geoogst met hand en een sikkel. Het uiterst fijne graan wordt ‘gedorst' door een groepje ossen urenlang rondjes te laten lopen over het gewas, dat in een grote cirkel verspreid wordt neergelegd. Met gebruik van de wind wordt het graan van het stro gescheiden, en in zakken opgevangen. Soms is er ergens een maalderijtje in de buurt, waarna de tef als meel kan worden verkocht, en een deel voor eigen gebruik mee teruggaat naar de hut. Grootschalige irrigatie is mogelijk, maar moeilijk omdat het water vaak zo enorm diep zit, en daardoor erg kostbaar. Bovendien heeft Ethiopië het bizarre probleem, dat de rijkste waterader, de Blauwe Nijl, niet gebruikt kan worden voor irrigatie of opwekking van energie, omdat Egypte onder bedreiging van oorlog niet duldt dat de watertoevoer op enigerlei manier wordt gestagneerd. Ethiopië kan zich een dergelijk geschil met het grote buurland niet veroorloven. Zelfs de Wereldbank is er ondanks pogingen niet is geslaagd hierin een oplossing te brengen die het straatarme Ethiopië enigszins tegemoet zou kunnen komen. (Bron: Genet Kebede, directeur van Dorcas Ethiopië sinds 1993 en voor die tijd stafmedewerker bij het ministerie van landbouw in Ethiopië). Vraag een willekeurige inwoner van Addis Abeba op straat naar de nabije toekomst van zijn stad en het land, en de twijfel staat op zijn gezicht te lezen. Alleen anoniem willen ze wat zeggen. Het is momenteel rustig in de stad. Eind november zijn er bij beschietingen tijdens demonstraties honderden (sommigen spreken van duizenden) doden gevallen. Burgers en studenten hielden protesttochten omdat bij de verkiezingen vorig jaar fraude zou zijn gepleegd. Het dagelijks leven lijkt in Addis Abeba gewoon zijn gang te gaan, je kan je overal vrijelijk bewegen, nergens is iets van enige beperking te bemerken of te zien. Nieuwe demonstraties worden niet direct verwacht. In de stad doet de politie ongestoord en rustig zijn werk. Maar er zijn veel militairen. ,,We weten dat ze meteen schieten als je demonstreert of protesteert,'' zegt een jonge Ethiopiër.
|
|
|